De grens tussen de woonkamer en het kantoor vervaagt sneller dan ooit. In de Amerikaanse tech-scene wint een opmerkelijke trend terrein: het ‘schoenloze kantoor’. Bij ambitieuze startups in Manhattan en Silicon Valley laten werknemers hun sneakers en laarzen bij de deur achter om de rest van de dag op sokken of slippers door de gangen te lopen. Volgens Sneha Sivakumar, CEO van de AI-startup Spur, zegt in een interview in de New York Times dat dit beleid een gevoel van een ’tweede thuis’ creëert en helpt om hiërarchieën te doorbreken. De website noshoes.fun brengt deze beweging in kaart en laat zien dat vooral de nieuwe generatie AI-bedrijven het comfort van thuis naar de kantoortuin haalt.
De opkomst van de pyjama-economie
Volgens Nick Bloom, econoom aan de Stanford University, is dit fenomeen een direct gevolg van de zogenaamde ‘pyjama-economie’. Zo vertelt hij aan de New York Times dat werknemers die tijdens de pandemie gewend raakten aan het comfort van thuis, die gewoonten nu mee terug nemen naar de werkvloer. Daarnaast speelt de beruchte ‘996-cultuur’ (werken van 9 tot 9, zes dagen per week) een rol: als je twaalf uur per dag op kantoor doorbrengt, is de behoefte aan huiselijk comfort simpelweg groter. Opvallend is dat pioniers zoals Stripe en Notion in hun beginjaren ook ‘schoenloos’ waren, maar naarmate deze bedrijven volwassener werden, keerde het schoeisel vaak weer terug op de werkvloer.
Een esthetische grens
Ondanks de opmars onder jonge ondernemers, lijkt de trend tegen een natuurlijke grens aan te lopen. Voeten blijven een controversieel onderwerp; wat de één ziet als ultieme ontspanning, ervaart de ander als onhygiënisch of onprofessioneel. Bloom merkt op dat een schoenloos kantoor vooral werkt in omgevingen die gedomineerd worden door twintigers die een studentikoze energie willen uitstralen naar investeerders. In een meer diverse werkomgeving, waar verschillende generaties samenwerken, stuit het gebrek aan formeel schoeisel vaak op weerstand. Het laten zien van een jeugdig imago via een rek vol schoenen bij de entree is een krachtig signaal, maar niet voor elk bedrijf geschikt.
Schoenen in de polder
De vraag is: gaan we het schoenloze kantoor ook in ons land zien? De verwachting is dat dit in specifieke niches zal verschijnen, maar geen brede navolging zal vinden in de Nederlandse bedrijfscultuur. De redenen daarvoor zijn:
-
De nuchtere ‘Doe maar normaal’-mentaliteit: Hoewel Nederlanders informeel zijn, hechten we aan een zekere professionele afstand. Het ontvangen van een zakelijke relatie terwijl je op je sokken staat, voelt voor de meeste Nederlandse managers en klanten nog net iets te intiem of zelfs ongepast.
-
De ARBO en hygiëne: De Nederlandse regelgeving rondom veiligheid en hygiëne op de werkvloer is strikt. Een vloer die geschikt is voor schoenen is niet per definitie comfortabel of hygiënisch voor sokken. HR-afdelingen zullen hierdoor eerder barrières opwerpen dan de trend omarmen.
-
Geen culturele basis: In tegenstelling tot landen als Japan of Singapore, waar het uitdoen van schoenen bij binnenkomst een teken van respect is, kennen wij die traditie niet. Het introduceren van een ‘schoenloos’ beleid vraagt in Nederland om een enorme gedragsverandering die waarschijnlijk de weerstand niet waard is.
-
Startup-hubs als uitzondering: In de hippe tech-hubs van Amsterdam en Eindhoven zal het zeker voorkomen. Hier dient het als een ‘cultureel signaal’ om aan te geven dat men anders is dan de gevestigde orde, vergelijkbaar met de tafeltennistafel en de gratis lunch van tien jaar geleden.
Zaken op sokken
Het schoenloze kantoor is een interessant experiment in menselijke verbinding en comfort, maar het zal in Nederland beperkt blijven tot kleine, jonge teams in de creatieve- en techsector. Voor de rest van de zakelijke markt blijft de regel: de schoenen blijven aan, maar de stropdas mag al lang uit.
